Vaarverbod: Windkracht 8 Inloggen

Dit beleid heeft als doel duidelijkheid te verschaffen in de rol en bijbehorende beslissingen van het Presidium, en de argumentatie hiervoor. De hieronder beschreven punten zijn over het algemeen reeds bekend, maar zijn nooit gestructureerd en inzichtelijk gemaakt. Als basis van dit document staat het Huishoudelijk regelement (Bijlage 1), het beleid van Bestuur 70, en het Meerjarenplan tot Tokyo. Hierdoor wordt dit beleid niet een herhaling van de daarin gestelde doelen, eerder een puntsgewijze houvast hoe deze doelen in de visie van het Presidium behaald gaan worden. De genoemde punten worden hieronder onderverdeeld in ‘Roeien’, ‘Coachen’ en ‘Randvoorwaarden’.

Roeien

Er zijn een aantal prioriteitsboten aangesteld, deze verdienen de beste randvoorwaarden en meeste aandacht. Deze prioriteitsboten liggen in lijn met de langetermijnplannen van de KNRB. Dit betekent ook dat verwacht wordt dat alle roeiers in principe meedoen aan de selectie voor deze boten, en dat uitzonderingen hierop zich expliciet moeten melden bij het Presidium, en zich extra moeten bewijzen op de Kerst- en Intrainingstest.

Prioriteitsboten

De prioriteit ligt op de Eerstejaarsboten, specifiek de Klassements-EJ8+ (Zwaar, Licht, en Dames). Mocht er voldoende kwaliteit onder de aanwas zijn, kan een extra klassements-vier gemaakt worden (Zwaar, Licht, Dames, Lichte Dames). Dit wordt beslist door de (evt.) Profcoach, samen met het desbetreffende coachkader, en de sectiecoördinator van het Presidium.Bij de middengroepen ligt de focus bij de developmentklassementsboten. Dit is zowel de DEV-vierzonder (Zwaar, Licht, Dames) als DEV-dubbel twee (Zwaar, Licht, Dames, Lichte Dames). Hiernaast kan binnen de middengroep de 4+ of 2x worden gebruikt als opleiding voor de developmentboten van het volgende jaar. De selectie van deze boten ligt in handen van het desbetreffende coachkader, evt in overleg met de sectiecoördinator van het Presidium. Rond het langebaanseizoen zijn zowel bij Zwaar/Licht en Dames/Lichte Dames de Oude Achten (danwel dubbelvieren) aangewezen als prioriteitsboot. Deze boten zijn een ultiem middel om ervaring uit te wisselen, en talentvolle jongerejaars op te leiden.

Intrainingsname

Elke ploeg wordt verwacht om op zowel de Kerst- als Intrainingstest te verschijnen in de beoogde seizoensnummers. Uitzonderingen hierop moeten vooraf expliciet worden gemeld en beargumenteerd bij het Presidium. De resultaten van de testen worden vergeleken door middel van de Proteus-Streeftijden (beschikbaar via de site), waarbij de tijden toegewezen worden naar aanleiding van de seizoensdoelen. De beoogde streeftijden worden voor de tests gecommuniceerd met de coachkaders. Naar aanleiding van de resultaten van de Kersttest volgt een eerste advies, na de Intrainingstest volgt een definitief en bindend besluit. Hierbij geldt dat ploegen die onder de -3% varen een discussiegeval zijn. Ploegen en individuele projecten buiten de gestelde prioriteitsboten dienen boven de 0% te varen om niet een discussiegeval te zijn. Naar aanleiding van een discussiegeval kan besloten worden roeiers niet intraining te nemen.

Coachen

Ook bij de coaching geldt eenzelfde prioriteit voor de eerstejaarsklassementsboten. Dit houdt in dat zij als eerst begeleid worden door de (evt) profcoach, en ervaren coaches en stuurlieden. Daarnaast is het uitbreiden en verbreden van kennis onder de coaches noodzakelijk.

Profcoach

De profcoach heeft een grote toegevoegde waarde binnen de vereniging, het Presidium waarborgt de kwaliteit van de profcoach door evaluaties, en stelt in samenwerking met de profcoach een eisenpakket op. Daarnaast wordt er actief voor gezorgd dat de coachkaders en de profcoach goed op elkaar aansluiten, en beide partijen het maximale uit de samenwerking halen.

Indeling coachkaders en stuurlieden

Het presidium neemt actief voortouw in het opstellen van de coachkaders voor het aankomend jaar. Hiervoor wordt tijdig een hoofdcoach benaderd, die in overleg met het Presidium de rest van het coachkader vraagt. Hierdoor wordt de op de vereniging beschikbare coachervaring evenwichtig verdeeld over de secties en jaarlagen. De Middengroepen- en Ouderejaars-coachkaders zijn hierbij aangewezen om jonge coaches op te leiden, het streven is om de Eerstejaars-coachkaders alleen uit ervaren en (maximaal) drie coaches te laten bestaan. De Middengroepen- en Ouderejaars-coachkaders hebben naar verhouding meer boten en meer coaches, en relatief meer momenten voor een coach in opleiding om praktische ervaring op te doen. Dezelfde insteek geldt voor de indeling van de stuurlieden. Ook hier is het streven om de middengroepen- en ouderejaarsboten, maar ook competitie- en clubboten te gebruiken voor het opleiden van stuurlieden, en de eerstejaarsklassementsboten alleen te bemannen met een ervaren stuurman of vrouw.

Jaarplannen

De coachkaders worden tijdens het jaar ondersteund met raad en daad, onder andere door het verplichten van een jaarplan, met daarin minstens: Prestatie-, resultaat- en procesdoelen van de ploeg/(seizoens)boot/groep/roeier, de persoonlijke doelen van coaches, middelen/visie om de doelen te bereiken (fysiek, techniek, mentaal, randzaken), evt. selectiecriteria, een plan over de technische lijn / het gewenste haalbeeld, en welke wedstrijden in het seizoen belangrijk zijn. Dit jaarplan kan vervolgens worden gebruikt om structuur in het seizoen te bieden, en daarnaast over de jaren heen te blijven leren van elkaars ideeën.

Coachcursus

Tweejaarlijks wordt er een grote coachcursus georganiseerd, met als doel de coachkennis op de vereniging te verbreden en door te geven aan de volgende generatie coaches. Het streven is om zoveel mogelijk mensen hierbij aanwezig te laten zijn (dus ook competitie- en clubcoaches). Tijdens de avonden wordt komen minstens de volgende thema’s aan bod: Algemene roeitechniek, fysiologie en trainingsschema’s, en afstellen. Additioneel zouden thema’s als didaktiek, sportpsychologie en krachttraining. Hierbij is niet alleen de theorie van belang, maar ook de toepassing hiervan in de praktijk komt aan bod. Door een interactieve avond met zowel ervaren als onervaren coaches, kan de kennis actief uitgewisseld worden.

 

Randvoorwaarden

Trainingsschema’s

Door het aanbieden van een gezamenlijk trainingsschema binnen de verschillende jaarlagen, wordt er zicht behouden op de fysieke progressie van de roeiers. Bijkomend voordeel van de gelijkheid in trainingen is de uitgebreidere mogelijkheid om trainingen met elkaar te combineren. Zo kan er vaker worden gespard, en bijvoorbeeld makkelijker worden gefilmd. Daarnaast levert de gelijkheid een verhoogde uitwisseling van ervaringen binnen coachkaders.

Vlootverdeling

De vlootverdeling geschiedt door een combinatie van prioriteitsboten, langetermijnplanning van de vereniging, seizoensdoelen en prestaties op testen en wedstrijden van de roeier(s), en potentie en kunnen van de roeier(s). Het streven is om zo objectief mogelijk de beste roeiers van de beste boten te voorzien, waarbij het Presidium de Commissaris Materiaal ondersteunt in de beslissing hierin. In het voorseizoen wordt er vanaf de oudste boten ingedeeld, en in het seizoen vanaf de nieuwste boten, zodat roeiers kunnen groeien en een betere boot kunnen verdienen, en zo min mogelijk teruggeplaatst worden naar een oudere boot.

RTC

Het RTC kan een belangrijke schakel zijn tussen het verenigingsroeien en de aansluiting bij de bond. Hierbij heeft het RTC een grote toegevoegde waarde als er meerdere verenigingen bij zijn aangesloten, en de roeiers in onze subtop samen kunnen trainen met deze andere verenigingen. Naast het gezamenlijke trainen heeft een centrale profcoach, en extra financiering voor de subtoproeiers hierbij de hoogste prioriteit.